Wapenspreuk

BMA koos AD UNUM SUMUS (wij zijn allen één) als haar wapenspreuk. Hiermee bedoelen we dat alles en iedereen uit dezelfde bron voortkomt. Wat we goed doen komt iedereen ten goede en wat we niet goed doen is ook ten nadele van iedereen. Als we uit deze basisgedachte leven, doen we automatisch wat goed is. Respect is een principe dat hieruit voortkomt. Respect voor onszelf, voor onze clubgenoten, voor onze trainers, vrijwilligers, respect voor onze sportclub, respect voor tegenstanders en andere sportclubs én voor iedereen daarbuiten. We kozen deze visie omdat we vinden dat ze de basis kan vormen voor een betere wereld.

 

Doel: Vechtsport als versterkende vrijetijdsinvulling

 

Als we allen één zijn is het logisch anderen te helpen. BMA leerde uit ervaring dat we door vechtsport mensen zelfvertrouwen, zelfkennis en belangrijke waarden en normen mee kunnen geven. Dit proces begint bij het aanleren van vaardigheden. Wie weet dat hij/zij zichzelf desnoods kan verdedigen, zal meer zelfzeker worden. Het regelmatig verleggen van grenzen zorgt voor zelfkennis en eigenwaarde. We weten uit ervaring dat de verantwoorde beoefening van vechtsport helpt bij het zelfstandig, respectvol en verantwoordelijk worden. BMA wil dit proces ondersteunen. We willen bijdragen aan de fysieke en mentale ontwikkeling van mensen.

Doelgroep

Als we allemaal één zijn is het belangrijk niemand uit te sluiten. We zijn ervan overtuigd dat vechtsport kan beoefend worden door iedereen. We willen een veilige thuis creëren voor iedereen; mensen van alle leeftijden en geslachten, elke achtergrond, eender welke seksuele geaardheid, met of zonder een beperking. Discriminatie past niet in onze sportclub. Daarom willen we iedereen zoveel mogelijk samen laten sporten, terwijl we rekening houden met ieders doelen en mogelijkheden.

Afspraken

Om ons doel samen te bereiken moeten we enkele afspraken maken. We gaan er vanuit dat iedereen die zich aansluit deze afspraken erkent en zo goed mogelijk naleeft. We behouden ons het recht voor om mensen te weigeren bij (herhaalde) overtreding. Deze afspraken draaien rond respect en veiligheid.

 

Respect voor jezelf

Een vechtsporter dient respect te hebben voor zichzelf; hij werkt aan een gezonde geest in een gezond lichaam.

  •  Kies je eigen doelen en houd daarbij rekening met je mogelijkheden. Hierbij kan je trainer je helpen. Binnen je mogelijkheden kan je je wel maximaal inzetten. Het verleggen van grenzen blijft een belangrijke (en leuke) uitdaging.
  •  Praat met je trainer over blessures, ziektes, conflicten of andere problemen. Laat je helpen.
  •  Bewaak een goede hygiëne en persoonlijke veiligheid. Verschijn proper op de training, met kortgeknipte nagels, bijeengebonden haar en proper, degelijk sportmateriaal.
  •  Stop waardevolle spullen altijd veilig weg in je sporttas.
  •  Zorg dat je verzekering altijd in orde is. Vraag bij twijfel na bij je trainers.

Respect voor je medesporters

 

We beschouwen onze sportclub als één familie. We accepteren en ondersteunen al onze medesporters. We kunnen onze sport immers niet alleen beoefenen, dus hoe beter je partners worden, hoe sneller je zelf zal groeien.

 

– Houd altijd rekening met je partner, met zijn/haar leeftijd, fysieke en mentale vermogens. Indien je sterker, zwaarder, ouder of meer ervaren bent beperk je het tempo en/of het contact. Als je meer ervaring hebt kan je je partner zeker tips geven.

 

– Sta open voor elk nieuw lid. Elk lid weet uit ervaring dat binnenstappen op een nieuwe (vecht-)sportclub niet gemakkelijk is. Probeer nieuwe mensen gerust aan te spreken, houd rekening met hun kunnen en probeer ze actief te betrekken.

 

Respect voor je trainer

 

Onze sportclub wordt draaiende gehouden door een gemotiveerde ploeg van trainers. Deze mensen hebben de nodige ervaring, opleiding en ondersteuning om dat op een verantwoordelijke manier te doen.

 

– Op tijd komen . Uitschuivers kunnen gebeuren, vechtsport blijft een hobby en is dus niet het allerbelangrijkste. Het getuigt echter van weinig respect voor de trainer en de groep om rond te hangen op de club en in te vallen wanneer het jou past. Als je later invalt wacht je aan de rand van de mat en groet je kort naar de trainer, zodat hij weet dat je bij zijn groep hoort.

 

– De training verlaten. Hier geldt hetzelfde idee. Vroeger doorgaan, iets halen of een toiletstop moeten zeker kunnen, maar zeg dit even tegen je trainer. In onze club staan dikwijls verschillende groepen door elkaar te sporten en hij/zij is verantwoordelijk voor wat er binnen de groep gebeurt. Hij/zij moet dus weten wie er onder zijn hoede valt.

 

– Geef gerust je mening. Onze trainers zijn niet alwetend, maar zij doen hun best. Als er zaken zijn die je niet begrijpt of die de trainer niet kan weten (bv. blessures), spreek hem/haar dan aan. Ook het hoe of waarom van bepaalde oefeningen kan in vraag worden gesteld. De trainer kan wel, in het belang van een vlotte les, ervoor kiezen om dit gesprek na de les te houden.

 

Respect voor vrijwilligers

 

Onze club wordt gesteund door een ploeg gemotiveerde vrijwilligers. Zij zetten zich belangeloos in en verdienen daarom steeds een vriendelijke behandeling.

 

Respect voor onze sportclub

 

BMA is een sterk merk. We verwachten van onze leden dat ze het club-idee ondersteunen. Ook onze dojo is een belangrijke plek.

 

– Draag BMA-promokleding met respect. Met ons logo op je rug ben je een vertegenwoordiger van de club. Houd dat in het achterhoofd. (Om gemakkelijk te onthouden: op sportevenementen draagt iedereen het trainingspak, als we uitgaan niemand.)

 

– Wedstrijdvechten gebeurt in het BMA-uniform. We zijn zeker voorstander van het bijtrainen in andere sportclubs (breng ons hiervan op de hoogte, misschien kunnen we bijvoorbeeld iets regelen qua betaling). Dit kan ons allemaal iets leren. Op wedstrijd dragen we wel het BMA-logo.

 

– Draag zorg voor de BMA-dojo. Rommel opruimen, drinkflessen afsluiten, materiaal goed onder de ring plaatsen,… Samengevat: zorgen voor een proper en veilig thuiskamp.

 

Respect voor tegenstanders en andere clubs

 

We zijn ook verbonden met andere sporters en andere sportclubs. We verwachten van onze leden een sportieve houding op wedstrijden, gezamenlijke trainingen e.d.